Laten we, voordat we iets anders doen, beginnen met vermenigvuldigen en delen, waarbij we de volgorde waarin ze in de berekeningen voorkomen in acht nemen.
Stapsgewijze oplossing
Laten we onze uitdrukking weer oppakken:
6 – 1 × 0 + 3 ÷ 3
1 × 0 = 0
3 ÷ 3 = 1
Laten we het volgende vervangen: