Het vasthouden van dit object geeft het heden een vreemd fragiel gevoel. Onze eigen gereedschappen worden verzegeld, identiek en tijdelijk geleverd. We worden aangemoedigd om te vervangen in plaats van te begrijpen. Efficiëntie wordt gemeten in snelheid in plaats van meesterschap. Het object in je hand behoort tot een langzamere wereld, een wereld die verwachtte dat haar gereedschappen meegroeiden met hun eigenaren. Het roept een verontrustende vraag op: wanneer zijn we gestopt met verwachten dat onze gereedschappen ons zo goed kennen?
De vraag blijft hangen omdat het eigenlijk helemaal niet om het object zelf gaat. Het gaat erom hoe we ons verhouden tot de dingen die we maken en het werk dat we doen. Het gaat erom of we nog steeds geloven dat zorg en vertrouwdheid ertoe doen, of geduld nog steeds een plaats heeft in het creatieproces. Het oude gereedschap is geen verwijt. Het bestaat simpelweg als bewijs dat een andere manier ooit natuurlijk aanvoelde.
Als je het object eindelijk neerzet, voelt de kamer anders aan. De moderne oppervlakken om je heen lijken stiller, minder zeker van hun eigen blijvende bestaan. Het artefact blijft wat het altijd is geweest: een eenvoudig instrument, gevormd door gebruik. Toch heeft het iets opmerkelijks gedaan. Het heeft het verleden tastbaar gemaakt, en daardoor heeft het het heden een nieuwe, vreemde betekenis gegeven.